Omschrijving van de opleiding
De opleiding stoelt op de opvatting dat Filosofie in bedrijf, gezien als filosofie van management en organisatie, binnen de context van de verschillende wetenschappelijke disciplines als een vakfilosofie kan worden beschouwd.
Vakfilosofie
Een vakfilosofie is enerzijds een toespitsing van de algemeen wijsgerige vragen op een specifiek levensdomein of kengebied. Het raamwerk daarvan wordt gevormd door drie hoofdthema's, die samenhangen met de volgende vragen:
- Wat zijn de onderscheidende kenmerken van het desbetreffende domein?
- Wat kan gelden als kennis omtrent en in dat domein en wat zijn de criteria voor de geldigheid ervan?
- Wat houdt verantwoord handelen in dat domein in en wat is daarvoor nodig?
Anderzijds is een vakfilosofie niet een toepassing van algemene
filosofie op een bijzonder geval. Binnen het aangeduide raamwerk komen
meer specifieke vragen aan de orde die samenhangen met grenservaringen
van betrokkenen in relatie tot het onderhavige domein. Deze
grenservaringen kunnen verbonden zijn met de praktijk zowel als met de
begrips- en theorievorming. Een grenservaring duidt daarbij op een
kwestie waar de gangbare benaderingen geen goed zicht op blijken te
kunnen bieden.
Ten aanzien van het domein van management en organisatie zijn twee belangrijke invalshoeken te onderscheiden:
- de besturing en inrichting van organisaties,
- en het leven in organisaties.
De eerste invalshoek heeft verreweg de meeste aandacht, ook vakdisciplinair. De grenservaringen die hiermee verbonden zijn betreffen de beperkingen in bestuurbaarheid, teleurstellingen in het volgen van instrumentele rationaliteit, etc. Vragen inzake het waarom en het hoe hiervan worden filosofisch wanneer (h-)erkend wordt dat antwoorden niet alleen kunnen komen van een aangepaste theorie of een van nieuw empirisch onderzoek. De tweede invalshoek is minder uitgesproken. Het blijkt niet mee te vallen over mensen in organisaties na te denken zonder die mensen in functioneel perspectief te zien. Toch ontstaat er steeds spanning in organisaties door de ervaringen van 'gebruikt worden', van vervreemding. Gegeven deze twee invalshoeken is ook de vraag naar hun verhouding van belang.
Doel van het onderwijs
Het doel van het onderwijs is nu studenten zo toe te rusten dat zij in staat zijn tot een zelfstandige filosofische reflectie, waar nodig ook binnen de praktijk. Daarbij is het echter zo dat deze reflectie niet als alternatief kan gelden voor vakdisciplinaire oplossingen. Er wordt een tweede niveau van denken ontsloten, waarop ervaringen, verwachtingen en oplossingen in perspectief geplaatst kunnen worden, uiteindelijk met de bedoeling dat hierdoor verantwoord denken en handelen wordt bevorderd.
De competenties van studenten na afronding van de mastersopleiding Filosofie in Bedrijf zijn:
- De zelfstandige beoefening van de wijsbegeerte in relatie tot het veld van management en organisatie.
- Het kunnen entameren van een filosofische reflectie ten behoeve van de praktijk van management en organisatie naar aanleiding van grenservaringen die zich in deze praktijk voordoen.
Leerdoelen
De boven genoemde competenties worden nader gespecificeerd in een aantal leerdoelen. Daarbij moet worden aangetekend dat de opleiding een theoretische en een praktische variant kent, afhankelijk van de omvang van de tijd besteed aan onderzoek dan wel stage. De volgende leerdoelen kunnen worden onderscheiden:
- Grondige kennis van de wijsgerige theorieen en methoden op het gebied van Filosofie in Bedrijf;
- Goede kennis van de algemeen wijsgerige theorieen die relevant zijn voor het bovengenoemd vakgebied;
- Kennis van klassieken op het gebied van 'Organisatie en Management';
- Zelfstandig uitvoeren van wijsgerige reflectie op en verdieping van wijsgerige thema's, vragen en problemen binnen het genoemde vakgebied;
- Speciaal blijkend uit: een zelfstandig geschreven wijsgerige
verhandeling (Masterthesis) gebaseerd op eigen onderzoek binnen het
genoemde deelgebied, waarin blijkt dat de student(e) tenminste:
- praktische werkervaring heeft opgedaan, verantwoord in een stageverslag van wijsgerige werkzaamheden binnen een arbeidsorganisatie;
- getraind is in praktische vaardigheden in verband met filosoferen in bedrijfsmatige arbeidsorganisaties.
Voltijd en deeltijd; twee instapmomenten
De Masteropleiding FiB is een eenjarige opleiding die zo is ingeroosterd dat zij door werkende studenten in deeltijd kan worden gevolgd, met alle colleges in de avonduren. Het programma duurt dan twee jaar. Verder kent de opleiding twee instapmomenten, een aan het begin van het eerste semester (september) en een bij de aanvang van het tweede semester (februari).
Docenten
Het onderwijs wordt verzorgd door docenten van de twee samenwerkende universiteiten. De volgende docenten zijn bij de opleiding betrokken:
- dr. J. Anderson, Fac. Geesteswetenschappen UU
- drs. E. Boers, Het Nieuwe Trivium
- dr. B. van den Brink, Fac. Geesteswetenschappen UU
- dr. H. van Diest, Fac. Wijsbegeerte VUA
- dr. B. Kee, Fac. Wijsbegeerte VUA
- prof . dr. P. Koslowski, Fac. Wijsbegeerte VUA
- dr. Chr. Krijnen, Fac. Wijsbegeerte VUA
- dr. J. Philips, Fac. Geesteswetenschappen UU
- dr. F. Schipper, Fac. Wijsbegeerte VUA
- dr. M.H. Werner, Fac. Geesteswetenschappen UU
Terug naar boven